top of page

U bent hier

  • Foto van schrijver: sarahvdmaas
    sarahvdmaas
  • 11 minuten geleden
  • 3 minuten om te lezen

De oude dichter die het legendarische labyrint van Kreta omschreef als een „bedrieglijk bouwwerk van talloze dwaalwegen” is vermoedelijk nog nooit in een vestiging van de SoLow geweest. Een excursie naar deze koopjeskeet – waar overigens zowel prijs, kwaliteit als morele standaard precies het niveau heeft dat de naam doet vermoeden – is geen uitstapje, maar een bezoeking.

In haakse bochten meandert hier het looppad in één lijn van in- naar uitgang, zonder afsnijdroutes en met een doorsnee waar zelfs Harry Houdini het Spaans benauwd van zou krijgen. ”Even een haarborstel halen” verandert in dit bouwkundige misbaksel steevast in een minoïsche nachtmerrie. De dag dat ik achtereenvolgens klem kwam te zitten achter een rolstoel, drie schuifelvoetende ouden van dagen en een losgekoppelde fietskar met twee Duitse kleuters erin, nam ik me stellig voor nooit meer een voet in dit oord der verschrikking te zetten – en toch ben ik sindsdien opnieuw gezwicht.

Wat is dat toch met dingen die je ten diepste verafschuwt, maar toch steeds weer blijft doen? Waarom waagt een mens bij zijn volle verstand zich op de hoge duikplank, kluistert zich aan podcasts vol onopgeloste gruwelijke moorden of verruilt twee weken lang zijn lits-jumeaux voor een lekkend luchtbed? Klaarblijkelijk ligt er naast ongemak ook iets bevrijdends in het moedwillig opgeven van je comfort en je zekerheid, zolang de risico’s tenminste tijdelijk en aanvaardbaar zijn. Gekooide angst is het beste vaccin tegen vrees: wie het gevaar maar voldoende verwatert, voelt zich heel even onoverwinnelijk.



Het is dus niet zo vreemd dat een fenomeen als het maisdoolhof sinds jaar en dag een favoriet op kinderfeestjes is. De milde huiver om de weg kwijt te raken, omtuind met de zekerheid dat ergens in de wirwar van paden een uitgang ligt, vormt voor de achtertuinavonturier een gulden combinatie. Wie echter denkt dat het bij doolhoven enkel zaak is er weer uit te komen, heeft de historie tegen zich. Verdwalen is geen queeste, maar een kunst. Al in de renaissance zwierven baronessen en buitenplaatshouders door hun zorgvuldig vormgegeven heggendoolhoven om tussen de geometrisch gesnoeide ligusters hun gevoel voor tijd en plaats te verliezen. Eeuwen eerder mozaïekten monniken complexe lijnpatronen in de vloer van hun kerken of kloosters waarlangs ze al biddend of mediterend een ”pelgrimstocht door de geest” konden afleggen. Hoewel deze liturgische labyrinten er ingewikkeld uitzagen, hadden ze – in tegenstelling tot de dwaaltuinen van de pruikentijd – geen zijpaden of doodlopende eindes: ze kronkelden in één ononderbroken serpentine naar het middelpunt toe. Het eindeloze ge-”wat als” en ge-”wat nu” waarmee je je in een maisdoolhof vaak vruchteloos vermoeit, wordt daarmee overbodig. Je ziet misschien niet waar je heen gaat, maar de weg raak je nooit kwijt.



Misschien zijn we de laatste jaren deze traditie onterecht vergeten: verdwalen als een vorm van contemplatie. Soms zijn we namelijk niet het spoor, maar simpelweg onszelf een beetje bijster. Wie zijn we, en wat doen we hier? Het zijn de tweesprongen die we bij voorkeur mijden, omdat stilstand vaak als achteruitgang voelt. We willen weten waar het héén gaat in het leven. Het liefst volgen we routekaarten, wegwijzers, een gids.

Er ligt iets heilzaams in het onderdrukken van de neiging om op je tenen te staan en over de heg heen te gluren. Niet weten hoe het verder moet dwingt je niet vooruit, maar om je heen te kijken – niet ”Welke kant op?”, maar ”Waar sta ik nu?”. De kunst van het verdwalen ligt in overgave: wanneer je niet zeker meer van je pad bent, niet met je eigen wegen vertrouwd, op hoogtepunten of in diepe dalen, in duisternis of aan het einde van de zee. Het is een kwestie van jezelf laten hervinden. Vertrouwen is een bordje: ”U bent hier”.



Deze tekst verscheen eerder in het RDMagazine van 5 september 2026.

Recente blogposts

Alles weergeven

Opmerkingen


  • Instagram - White Circle

© 2020 by Sarah van der Maas.

bottom of page